Groenendaeler

Lees hier alles over de Groenendaeler.

Alles over de Groenendaeler

De Groenendaeler is één van de vier Belgische Herdershonden. Vroeger werd de Groenendaeler gebruikt bij het hoeden van het vee. In 1891 werd er een rasvereniging opgericht van de Belgische Herdershond. Onderscheid tussen de vier Belgische Herdershonden was er toen nog niet. Verschil zat in de vacht, namelijk kort-, lang- en ruwharig. In 1897 werd de Groenendaeler erkend in België. En in 1899 kreeg de Groenendaeler de kleur zwart toegewezen in het kleurenbesluit. Tijdens de WOI en WOII nam het aantal Groenendaelers af, maar dit werd snel weer hersteld.

Schofthoogte

  • Reu 60 – 66 cm.
  • Teef 56 – 62 cm.

Gewicht

  • Reu 25 – 30 kg.
  • Teef 20 – 25 kg. 

Verschijning

Krachtig, elegant, gespierd. 

Aard

Actief, waaks, zelfverzekerd. 

Hoofd

Lang.

Schedel: niet te breed.

Voorhoofd: afgeplat.

Stop: matig.

Snuit: lang. 

Ogen

Groot.

Kleur: bruin.

Oogranden: zwart.

Uitstraling: levendig. 

Oren

Klein, rechtop staand.

Aanzet: hoog.

Vorm: driehoek.

Mond

Lippen: dun

Gebit: schaargebit. Tanggebit mag ook.

Hals

Lang, gespierd. Opgericht. 

Voorhand

Schouderblad: lang, schuin.

Voorbenen: stevig, recht. 

Lichaam

Krachtig.

Borst: niet breed.

Rug: recht, kort, gespierd.

Lendenen: recht, tevig, kort.

Achterhand

Krachtig.

Dijen: sterk, gespierd. 

Voeten

Voorvoeten: rond.

Achtervoeten: ovaal.

Tenen: gebogen, gesloten.

Voetzolen: dik.

Nagels: donker, dik. 

Beweging

Vrij, regelmatig. Snel. 

Staart

Aanzet: krachtig.

Hangend dragen (rust).

Kleur

Effen zwart.

Vacht

Dicht, aanliggend.

Ondervacht: wol.

Belangrijk over de Groenendaeler

Reuen: twee testikels moeten goed ingedaald zijn in het scrotum.

Video over de Groenendaeler

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *